Sao Nicolau here we come.05-12-2016

Na het hartverwarmend bezoek van Sinterklaas en gevolg de boot opgemaakt voor het vertrek `s middags om 16.00 u.

Het zou een kleine 100 mijl varen zijn en wilden daar met daglicht arriveren.

We hadden weer ruime wind en begonnen met een gereefd grootzeil over bak en en fok uitgeboomd over stuurboord.

Een 10-tal mijl verderop de fok toch maar naar de bakboord zijde uitgezet, omdat de wind iets draaide toen we vrij waren gezeild van Sal.

Zo zijn we de hele nacht doorgegaan met de Zanzibar aan bakboord zijde en de Rhapsody aan stuurboord.

Er stond een lekker windje tussen de 10 en 15 kts. De maan kwam een groot gedeelte van de nacht erbij, zodat je ook nog iets kon zien. En de overbekende sterrenhemel in 3D, magnifiek als er geen verstoring is van restlicht.

Eenmaal in de buurt van Sao Nicolau geen enkel navigatielicht op de wal was ontstoken, terwijl ze wel op de kaart aangeduid stonden.

In de pilot repte men hier ook al over, desondanks stoor je je wel aan deze laksheid daar de pilot al enkele jaren oud is.

Het zal wel “Afrika” zijn, want ondanks het gevoel dat je denkt een vooruit geschoven post van Europa benaderd,is het ver weg.

Zoals een van de andere boten al opperde: ” Wij zijn nu dichter bij Suriname dan Nederland”, dat was een vreemde gewaarwording.

Bij het ochtendlicht voor de schrijver 08.30 u., na zijn hondewacht de eerste blik op Sao Nicolau. Wauw!

 

 

Wat een andere aanblik dan Sal, nog een mijltje (dat geeft al aan dat het niet ver meer is)  of  6 naar Tarrafal.

Hier op de zuidpunt van het eiland kwamen we duidelijk in een windversnellings gebied en de 25 kts kwamen regelmatig in beeld.

Voorts draaide hij snel en moesten we scherp op gaan zeilen, heerlijk boot plat opspattend buiswater bij de punt en een lekker zonnetje op je snuit.

Nog geen 2 mijl verder viel de wind helemaal weg en konden we het laatste stuk op de motor.

Na het ankeren de rest van de dag maar piano aan gedaan en de boot opgeruimd en geluierd.

De volgende dag de zoektocht naar het havenmeester kantoor om ons aan te melden, we moesten op zoek naar een ” blauw” gebouw in de buurt van  ……..

Na wat rondwandelen en vragen hebbes, maar inmiddels was het gebouw maagdelijk wit overgeschilderd.

Op de tweede verdieping werden we hartelijk onthaald en konden we de formaliteiten afwerken. Let op voor nakomers! Inklaren op Sal en een formulier vragen dat je van Sal naar Nicolau gaat varen, anders loop je de kans om alsnog terug te moeten.

Hierna na wat grove aanwijzingen op zoek naar huize “Aquario”, het pension van Hennie Kusters die ons mogelijk meer info over het eiland kan verschaffen.

Onderweg langs de rand buitenom van het gebouwen complex, kwamen we Braz tegen, maar daarvan waren we ons op dat moment nog niet bewust.

Nog geen 150 meter verder was het pension, verrast omdat het zelfs een nederlander was.

Hennie is inmiddels 83 jaar en nodigde ons vriendelijk uit binnen te komen en plaats te nemen in de woonkamer, hier heeft hij ons uitgelegd wat de mogelijkheden waren om het eiland te bekijken.

Het zou eerst een rondrit worden met de “Aluguer” in dit geval een pickup met banken aan weerszijden achterin de bak.

Hier zouden we eerst naar een kloof rijden de bergen in en vervolgens er over heen.

Aan de andere zijde ook weer een kloof door om bij de kust aan de noordzijde naar het oosten te rijden naar een lagune waar je prachtig kon zwemmen.

De oostzijde van het eiland was verder niet toegangkelijk daar de laatste regenbuien de wegen kapot gespoeld hadden.

Op de terugweg nog door de “Hoofdstad” Ribeira Brava ooit eens ontstaan door gevluchte mensen uit Prequica voor de piraten en mensenhandelaars.

Op de kade van vissersdorp Prequica staan de ruines van een kerk uit die periode, een beladen plaats waar vele tranen geplengd zijn.

We waren rond half 3 bij het strand bij onze boten en zijn na overleg naar het schip terug gegaan om vervolgens om 16.00 u weer verder te gaan rijden naar Carbalinho. Aan het eind van de dag heb je hier prachtig lichtinval van de zon.

Dit ligt aan de westzijde van Sao Nicolau, waar een prachtig gezicht moet zijn op de kust ontstaan door erosie van de zee/golven.

Voor het avondeten zijn we naar “Braz” zijn restaurant ( bar-restaurant Ancora) gaan eten, hij is opgeleid door Hennie en heeft bij nederlandse redeijen als sous-chef gekookt.

Vandaar dat hij ook redelijk nederlands verstaat en praat en koken dat hij kan. We hadden op aanraden van Hennie vis besteld en dat was toch goed klaargemaakt. Heerlijke vis met een mjammie saus met daarnaast salades warm en koud en rijst en aardappeltjes.

Dit zal niet ons laatste bezoek aan hem zijn.

img_0604
Behalve heerlijke vis
oorkonde_braz
Even een hart onder de riem steken bij Braz voor zijn verdienstelijke inzet.

De volgende dag zouden we naar een dorpje Ribeira da Prata gebracht worden om vervolgens met een gids (Edson) omhoog te lopen via Fragatona. Over de top en dan weer naar beneden te gaan naar een plek waar we weer per auto naar de haven terug gebracht zouden worden.

Simpel gezegd in een paar zinnen, maar de werkelijke klim was zeker voor Hilda een ware bezoeking.

Het was eigenlijk al te laat en de zon stond heftig op onze hoofden te branden, maar het is gehaald. We hebben behalve wat blaren er geen verdere gevolgen aan over gehouden, en een prachtige herinnering en zijn achteraf blij dit gedaan te hebben.

Ook vandaag werd er “uit” gegeten en wel in het pension “Aquario”, Braz was weer verantwoordelijk voor de gerechten en Edson was de ober en Hennie leverde de ondertiteling.

Vooraf romige kippesoep als hoofdgerecht weer vis, maar een andere saus met safraan,  om je vingers bij af te likken.

Alles ging dan ook op en als toetje ananas met perzik.

Voldaan en met een volle maag terug naar het schip.

 

De hoogste top de “Monte Gordo” die een paar dagen daarna bedwongen zou worden hebben wij afgeblazen, daarvoor waren de voeten van Hilda te zwaar gehavend.

Zodoende had ik wat extra tijd om de windvaan eens aan een nauwkeurige inspectie te onderwerpen, er zat hier en daar wat teveel speling in en dat moet eruit.

Tevens onze watervoorraad aangevuld bij de visafslag met de Zanzitaxi, met 180 l aan water in jerrycans en 2 douchezakken en 300 escudos armer terug.

Het water dat hier getapt wordt komt uit de bergen en wordt gefilterd, dus zou van goede kwaliteit moeten zijn.

Desondanks toch maar een paar druppels Hadex erdoor, die eventuele chloorsmaak wordt op het schip er wel weer uit gefilterd (actieve koolstof/zilvernitraat).

Ook de ereader wordt regelmatig weer gepakt en verslindt het ene na het andere boek.

Vandaag maandag 12 december zijn de dames met de Zanzitaxi naar de wal gebracht om de laatste boodschapjes te halen en de scheepspapieren bij de haven meester te gaan halen.  Dat laatste tegen inlevering van 700 escudos (plusm. 6,35 euro).

Dinsdag morgen vroeg gaan we op pad naar Mindelo op Sao Vicente.

Het gaat veel harder waaien (met bijbehorende golfhoogte) vanaf woensdagmiddag en voor die tijd willen we in de haven liggen. Een tussenstop op Santa Luzia zit er dus niet meer in.

Bye bye Sao Nicolau, je bent een prachtig eiland met nog een authentieke vriendelijke bevolking, die nog niet verpest is door westerse invloeden en massatoerisme. We hebben van je genoten.

img_0445

Sal.

Dit eerste eiland van Kaap Verdie is bekend bij de meeste nederlanders door het kitesurfen en andere watersport activiteiten en dan vooral rond Santa Maria in het zuiden.

Wij zijn aangeland in het noorden bij het plaatsje Palmeira,waar nog door de lokale bevolking gevist wordt, hier komen met regelmaat wel busladingen met toeristenkijken naar hoe de vis schoongemaakt word op de kade.

Hier lopen dan ook allerlei dames met manden op het hoofd rond met hun koopwaar. Sal is jammer genoeg al verwesterd evenals een groot aantal andere eilanden, jammer.

Bij aankomst in het ankergebied werden we gelijk benaderd door Jay een lokale boatboy die ons de ankerplek ging aanwijzen en van alles kon regelen als water, diesel en de vuilnis meenam.

Al snel was duidelijk dat hij dat niet voor niets deed en hij praatte in euro`s, dat zegt meestal ook wel genoeg.

Maar we konden rustig aandoen en er was “no stress”,  dat  kon hij waarschijnlijk ook al eerder zeggen dan papa of mama, want het werd te pas en onpas gezegd.

Inklaren moest de volgende dag maar en na enig gevraag het juiste gebouw gevonden.
Zowel de politie als ook de douane was aanwezig en konden we achter elkaar door en werd alles rap afgehandeld. Zo dat viel mee qua tijd, dat zullen we nog wel anders gaan beleven volgens voorgangers.

Een busje (aluguer) opgesnord en konden voor 100 escudos (1 euro) p.p. naar het vliegveld gebracht worden.

Hier op jacht naar een datakaart voor onze internet honger.

Ook dit was rap geregeld en konden we voor 2700 escudos (25 euro) weer 10 Gb verder.

Op de heenweg waren we al door een wat groter dorpje gekomen en hier wilden we wat lunchen en boodschappen doen, het plaatsje heette Espargos.Achter in een pickup zijn we hierheen vervoerd, in de bak staan aan weerskanten een bankje en dat is het, niet denkbaar in nederland/europa.

Onderweg tegen gekomen de bemanning van de “Lucky 4”. Dominique en Zeyno.Zij hebben een tijdje met ons mee gevaren op weg naar Sal.

Hier de Kaap Verdiaanse bonensoep gegeten. Heerlijk.
Eigenlijk hadden we met Sal niet zoveel geen uitstraling, een groot kaal eiland met een paar bulten, dus na een klein weekje ook al voor gezien gehouden.

De fontenario is een plek waar iedereen tegen betaling drinkwater kan halen.

Hier maakt men drinkwater uit zeewater.

Nog wel de dag voor vertrek naar Sao Nicolau (hoe toepasselijk) bezoek gehad van Sinterklaas en zwarte Piet.